Newsletter archive
Nederlandse vertaling
Newsletter #3 - 2025

The Wandering Light

Desengano State Park, het eerste International Dark Sky Park in Latijns-Amerika

Mijn reis door Brazilië laat zich het best omschrijven als een proces van georganiseerd tasten in het duister. Deze manier van werken stelde me in staat om verschillende landschappen te verkennen en verschijnselen te ontmoeten die mijn oorspronkelijke ideeën voorbijgingen — waardoor ik voorkwam te snel in een enkel verhaal te vallen.
 
Deze benadering van ‘doelloze’ verkenning, toch met een richting, bracht me terug in de studio met ruim twintig uur — bijna vier terabyte — aan audiovisueel materiaal. De opnamens strekt zich uit van nachtelijke straatbeelden in Rio de Janeiro tot groothoek-shots van de Melkweg, gefilmd in het eerste Dark Sky Park van Latijns-Amerika.
 
Wat deze fragmenten met elkaar verbindt, is dezelfde onderliggende vraag:
wat wordt zichtbaar wanneer het kunstlicht (zo kenmerkend voor moderne steden) vervaagd?
 

* * *


Tegen het einde van mijn onderzoeksreis kreeg ik de kans om een eerste indruk van mijn beeldmateriaal te tonen tijdens ArtRio-week, in galerie Tropiqalpão. Ik monteerde de hoogtepunten van ontmoetingen en samenwerkingen tot een video van 26 minuten (zie projectpagina). De film toont verhalen van wetenschappers, stad- en parkgidsen, kunstenaars en anderen mensen die ik onderweg ontmoette, ieder met een eigen blik op de nacht.
Het was dan ook dat ik via vroege montage de ware protagonist van mijn reis leerde herkennen: de vuuurvlieg. Paradoxaal genoeg — door zijn afwezigheid.
 
Afgezien van een handvol foto’s komt deze lichtgevende kever zelden voor in mijn vier terabyte aan gepixeld materiaal. Een eenvoudige verklaring kan zijn dat ik tijdens het droge seizoen reisde; vooral in de warmere natte maanden komen ze in grote aantallen voor. Toch leidde het verlaten van het stedelijke gebied tot ontmoetingen met enkele wintersoorten, waarvan ik de vluchtige flikkeringen van bioluminescentie in mijn vorige nieuwsbrief deelde.


Mijn waardering voor vuurvliegjes verdiepte zich nog verder toen ik de betekenis ontdekte van hun Portugese naam vagalume, wat ruwweg “dwalend licht” betekent. Een naam die, naar mijn gevoel, veel meer ruimte biedt voor poëtische interpretatie dan de Nederlandse, eerder beschrijvende tegenhanger.

Photinus-soort  uit het Atlantisch Woud

Waar ‘vuurvlieg’ het wezen vrij letterlijk definieert — als een bron van vuur, een metafoor voor de fakkel of kaars die het pad verlicht — spreekt het Portugese vagalume over beweging: over een licht dat dwaalt en zoekt. Misschien suggereert het hoe het wezentje zelf zijn aardse bestaan ervaart, eerder dan hoe het door het menselijk oog wordt gezien.

 

Hoe dan ook, wat mij het meest raakt aan het oude Galicische woord vagalume, is dat het tegenwoordig het lot van de insectensoort zelf lijkt te weerspiegelen. De gloed die uit onze moderne steden straalt, verstoort hun vluchtige lichtsignalen en laat ze dwalen in een bleke, verstoorde duisternis.


Dit werd me vooral duidelijk toen ik biologe en vuurvliegonderzoeker Stephanie Vaz ontmoette, van wie ik voor het eerst hoorde via een artikel op Mongabay over de achteruitgang van bioluminescente insecten in Brazilië. We ontmoetten elkaar rond de schemer van de avond in Rio de Janeiro; de lucht was warm en zacht verlicht terwijl we met een verfrissend drankje spraken over haar PhD-onderzoek.

Zij en haar team ontdekten dat lichtvervuiling een van de snelst groeiende bedreigingen vormt voor vuurvliegpopulaties in het zuidoosten van Brazilië. Hun bioluminescente pulsen — gesynchroniseerde signalen die dienen voor communicatie en paring — vervagen onder de gloed van menselijke verlichting, die diep doordringt in het bladerdak van het bos.
“Licht stopt niet bij de grenzen,” vertelde ze me. “En daarom zijn beschermde gebieden alleen niet genoeg.”

Nadat ze me een tatoeage van een vuurvlieg op haar bovenrug had laten zien — geïnspireerd op een Photinus-soort uit het Atlantisch Woud — vertelde ze over haar ambitie om een vuurvliegreservaat op te richten in de deelstaat Rio de Janeiro. Een plek waar de duisternis beschermd kan worden, en net zo belangrijk, waar bewustwording kan groeien over de effecten van lichtvervuiling veroorzaakt door het overmatige en ondoordachte gebruik van kunstmatig licht.
 
Ons gesprek dreef op natuurlijke wijze richting de mogelijkheid van samenwerking — een die kunst, wetenschap en ecologie met elkaar zou kunnen verbinden door een gedeeld verlangen om de nacht en al haar wezens daarin te beschermen. Het voelde betekenisvol om haar te ontmoeten, nadat onze agenda’s eindelijk samenvielen — opmerkelijk genoeg gebeurde dit op de allerlaatste dag van mijn reis.
 

* * *


Na terugkomst in Nederland, overspoeld met inspiratie maar ook uitgeput na drie maanden van dwalend creeëren, stelde ik mezelf een eenvoudige vraag:
Waarom zouden mensen zich druk maken om de achteruitgang van vuurvliegjes terwijl gletsjers smelten? Terwijl waterreserves opdrogen? Terwijl we op weg zijn naar twee graden boven het pre-industriële niveau, met verwoestende gevolgen?
 
Aanvankelijk leek het triviaal — een poëtische afleiding van de grotere rampen van onze tijd. Maar hoe langer ik erover nadacht, hoe meer ik besefte dat er eigenlijk weinig verschil is. Het verdwijnen van de vuurvliegjes en de afname ijskappen zijn twee symptomen onder dezelfde toestand: een wereld die steeds meer overbelicht, oververhit en uit balans raakt.

Hoe meer ik de vagalume bestudeerde, hoe meer ik verliefd raakte op de wetenschap achter hun charismatische synchroniciteit. Het voelt alsof ze een verhaal willen vertellen — een verhaal over hoe licht kan bestaan zonder te schaden, maar in harmonie leeft met zijn omgeving.


 

* * *


Het onderzoek van Stephanie Vaz bevestigde deze logica: waar duisternis gedijt, doen vuurvliegjes dat ook. Met hun onschatbare waarde als bio-indicatoren is hun fragiele licht niet alleen een signaal, maar ook een maatstaf voor de gezondheid van de ecosystemen waarin ze leven. Een scherpe afname duidt op bredere ecologische veranderingen, zoals verslechterde bodems, en het verlies van vegetatie en biodiversiteit. In het geval van lichtvervuiling weerspiegelt hun verdwijnen, het verdwijnen van de nacht zelf.

Daarom zijn de vuurvliegjes, of vagalumes — onder de vele namen die dit intrigerende wezen heeft gekregen — voor mij wat sterrenbeelden zijn voor een astronoom: een herinnering dat elke gloed afhankelijk is van de duisternis die haar draagt.

Bedankt dat je helemaal tot het einde van de laatste nieuwsbrief van het jaar hebt gelezen. De afgelopen tijd heb ik geëxperimenteerd met een meer verhalende vorm van schrijven, en ik kijk ernaar uit om die lijn voort te zetten — in de hoop dat je blijft meelezen. Ik wens je fijne feestdagen en al het beste voor het nieuwe jaar.

End notes

Screening van Being in Darkness in Galeria Tropiqalpão, 12–14 september 2025 — ArtRio Week 2025

Als je denkt dat iemand deze nieuwsbrief interessant vind, voel je vrij om deze te delen. Of ze kunnen zich hier inschrijven hier.

Lees ook andere nieuwsbrieven die met dit thema verbonden zijn:
#2 - Resistance in disappearance

Of zie het volledige nieuwsbrief archief.

www.jaspervandenende.com
Let's connect on Instagram
Let's connect on Instagram
Studio
Weena 70 (10th floor)
3012CM Rotterdam

Feel free to reach out with any thoughts or questions:
mail@jaspervandenende.com
Sign up to receive newsletters in the mail / see newsletter archive